Een gegeneraliseerd eigenwaarde-inbreuk conflict heeft betrekking op de persoon als geheel. Een dergelijk conflict wordt bijvoorbeeld ervaren bij een vernedering (beschuldigingen, scheldwoorden, kleinerende opmerkingen), misbruik (fysiek, seksueel, verbaal), falen (op het werk, op school, in de sport, in een relatie, als ouder of partner), slechte prestaties (intellectueel, artistiek, atletisch) of gevoelens van schaamte en schuldgevoel. Het verlies van status, het verlies van een werkplek, pensioen, ziekte of letsel (“Ik tel niet meer mee”), ouder worden (“Ik ben niet meer zo goed als vroeger”, “Ik word oud en nutteloos”) of het verlies van een persoon bij wie men zich gewaardeerd en nuttig voelde zijn andere conflictscenario’s. De manier waarop we onszelf waarnemen (“Ik ben een mislukkeling”, “Ik zal nooit slagen”) creëert een mentale aanleg voor gegeneraliseerde eigenwaarde-inbreuk conflicten. Kinderen en ouderen zijn kwetsbaarder voor het lijden van een dergelijk conflict.